
Deze week praat de gemeenteraad opnieuw over het bestemmingsplan voor het Henschotermeer. Een onderwerp dat in Woudenberg al jaren de gemoederen bezighoudt. Inwoners, organisaties en raadsleden hebben er stapels stukken over gelezen en ontelbare avonden over vergaderd. Je zou denken dat het dossier inmiddels wel afgerond is. Maar nee, het ligt opnieuw op tafel.
De plannen die in 2024 werden vastgesteld, gingen uit van meer bebouwing, meer verkeer, bezoek tot na zonsondergang en extra ruimte voor evenementen. Veel van die keuzes waren gebaseerd op aannames over wat nodig zou zijn en hoe bezoekers zich zouden verspreiden. Niet op overtuigende cijfers of aantoonbare noodzaak.
Zorgen van inwoners, natuurorganisaties en raadsleden van de gemeenten Woudenberg en Utrechtse Heuvelrug werden toen regelmatig weggezet als overdreven. Toch ligt er nu een herstelbesluit, met volgens de stukken “een groot aantal verbeteringen en verduidelijkingen” ten opzichte van wat de gemeenteraad in maart 2024 heeft vastgesteld.
Dat is een opvallende formulering. Want als er nu veel verbeteringen nodig zijn, zegt dat ook iets over de kwaliteit van het eerdere besluit. Achteraf bezien blijken de waarschuwingen geen doemdenken, maar een realistische inschatting.
We zitten inmiddels in een beroepsprocedure bij de Raad van State. Wie de voorgestelde aanpassingen leest, begrijpt waarom een herstelbesluit onvermijdelijk werd. Tegelijkertijd moeten we eerlijk zijn: dit is een groot en complex plan. Voor een kleine gemeente als de onze is dat een zware opgave. Misschien hebben we niet alle kennis en capaciteit in huis om zo’n ingewikkeld traject in één keer zorgvuldig af te ronden. Dat is niet beschamend — maar het vraagt wel om extra voorzichtigheid.
Want het Henschotermeer is geen gewoon recreatiegebied. Het is een uniek natuurgebied, dat voor veel Woudenbergers een bijzondere plek is om te wandelen, te zwemmen, tot rust te komen. Juist daarom rust op onze gemeente een grote verantwoordelijkheid om hier heel zorgvuldig mee om te gaan.
En dan blijft voor ons één vraag centraal staan: hoe weten we zeker dat het nu wél klopt? Dat we dit keer alle gevolgen goed in beeld hebben? Dat we niet over een jaar opnieuw moeten concluderen dat er weer iets gerepareerd moet worden?
Onze fractie maakte in 2024 als enige partij bezwaar tegen het bestemmingsplan. Niet omdat we tegen ontwikkeling zijn, maar omdat we grote zorgen hadden over de impact op natuur, rust en landschap. Met moties en amendementen hebben we toen geprobeerd bij te sturen. Wat er nu ligt, voelt opnieuw als schade beperken.
Natuurlijk is het goed om mee te gaan met de tijd. Maar daarmee is de kernvraag niet verdwenen: is dit allemaal echt nodig, en past het bij de natuur die we zeggen te willen beschermen?
Daarom sluit ik af met dezelfde woorden als in maart 2024: wij zijn niet overtuigd van de noodzakelijkheid en de natuurlijke inpassing van deze plannen — ook niet in aangepaste vorm. Voor GroenLinks-PvdA Woudenberg blijft het antwoord: verbeter de bestaande voorzieningen, maar geen nieuwe bebouwing die het natuurlijke karakter van het Hens aantast.
Jikke Wams, fractielid GroenLinks-PvdA Woudenberg
bron: de Woudenberger, 15 januari 2026
